Q&A met onze Strength & Conditioning Coach Michiel Reijnders over CyclingClassNL

Al van jongs af aan heeft Michiel Reijnders grote interesse voor zowel sport als het menselijk lichaam. Toen hij de middelbare school afrondde twijfelde hij dan ook over zijn vervolgstap: “Ga ik geneeskunde studeren zodat ik chirurg kan worden of ga ik naar de Sporthogeschool?” Hij volgde zijn gevoel en koos voor het laatste; na zijn studie aan de Fontys Sporthogeschool volgde hij de master bewegingswetenschappen. Inmiddels is hij al zo’n tien jaar werkzaam bij TeamNL centrum van BrabantSport als Expert Strength & Conditioning. De afgelopen drie jaar heeft hij ook de renners en rensters van CyclingClassNL begeleid.

Wat houdt jouw werk als Expert Strength & Conditioning precies in?

‘Ik verzorg vanuit het TeamNL centrum van BrabantSport de fysieke trainingen voor diverse sporters. Momenteel werk ik de meeste uren in de week met de Olympische zwemploeg en zwemtalenten in Eindhoven. Sinds een aantal jaar doe ik dit werk ook voor CyclingClassNL. Ik zorg voor één à twee krachttrainingen per week voor de renners en rensters. Dit is afhankelijk van de fase van het seizoen en de individuele behoefte. Op de andere dagen gaan ze thuis aan de slag met ons MCA-programma. MCA staat voor mobiliteit, core en activatie. Deze aspecten komen terug in de oefeningen die de renners en rensters zelf doen. Tijdens het wedstrijdseizoen doen we dit ook een aantal keer gezamenlijk online om in contact te blijven met elkaar.’

Hoe verlopen die krachttrainingen? Komen de CyclingClassNL-atleten bijvoorbeeld bij jou op locatie langs?

‘Dat is een beetje veranderd de afgelopen drie jaar. In het begin werden er veel CyclingClassNL-trainingsweekenden georganiseerd en deden we op zaterdagochtend gezamenlijk een krachttraining. Sinds dit seizoen zijn er meer trainingsweken in plaats van trainingsweekenden. Ik zie de atleten hierdoor minder vaak, maar als ze dan bij elkaar zijn, trainen ze ook een langere periode samen. Daarnaast zijn we gestart met een app: TeamBuildr. In die app kan ik de trainingen zetten en de progressie van de atleten bijhouden. Zij kunnen de trainingen registreren en video’s van de oefeningen uploaden. Op die manier kan ik hen feedback geven.’

In jouw werk begeleid je dus zowel sporters die al wereldtop zijn, als talenten die graag die top zouden willen halen. Wat vind je zo leuk aan het samenwerken met die talenten?

‘Die vraag wordt mij wel vaker gesteld. Ik vind het supergaaf om te werken met toppers die al van wereldniveau zijn en een bijdrage te leveren aan hun prestaties. Maar als ik puur kijk naar mijn werk op de vloer, dan is het ook heel leuk om met jonge talenten te werken. Er valt namelijk nog veel meer uit te halen. Je kunt hen nog veel meer leren.’

442

Maakt dat het ook niet lastig? Dat je samenwerkt met een groep die nog veel moet leren?

‘In het geval van CyclingClassNL is het de uitdaging dat je de atleten niet vaak face-to-face ziet. Ik vind het fijn om met mensen in contact te zijn en een band op te bouwen. Dat is moeilijk als je hen niet zoveel ziet. De uitdaging zit hem dus niet per se in de trainingen zelf. Hoe jonger de sporters zijn, hoe simpeler je de oefeningen moet houden. Ik ben van mening dat je echt bij de basis moet beginnen en dat het vooral leuk moet zijn. De stap naar maatwerk en detail, zet je pas later in iemands carrière.’

Het is dus niet zo je voor iedere renner andere oefeningen bedenkt?

‘Nee, leer eerst maar eens alle simpele oefeningen goed uit te voeren voordat we verder gaan met allerlei complexe en zware oefeningen. Het overgrote deel van de oefeningen is gericht op het onderlichaam en de plekken waar vaak blessures voorkomen. Je ziet dat renners vaak last krijgen van hun rug, omdat ze lang in dezelfde houding zitten. Met core- en mobiliteitsoefeningen werken we aan het versterken van de rug en heupen. Dan maakt het niks uit, zeker op deze leeftijd, of je op de weg, in het veld of op de baan fietst. Waar we wel rekening mee houden is de leeftijd van de renner en het niveau ten aanzien van krachttraining. Als iemand al twee jaar onderdeel is van CyclingClassNL en dus al twee jaar trainingen van mij volgt, dan volgt die een ander programma dan iemand die net start en nog nooit aan krachttraining heeft gedaan.’

Wat is jou de afgelopen jaren het meest opgevallen bij CyclingClassNL?

‘Ik denk dat alle renners en rensters heel goed weten hoe belangrijk het is om aan krachttraining te doen. Maar om ervoor te zorgen dat ze hiermee aan de slag gaan en het blijven doen, is soms best lastig. Je merkt dat ze enthousiast beginnen, maar dat het daarna vaak afzwakt. Bij de atleten die het structureel goed bijhouden, zie je dat ze op fysiek vlak de grootste stappen maken. Als je echt de top wilt bereiken, dan kom je er niet met alleen maar hard fietsen. In deze leeftijd kom je daar misschien nog mee weg, maar als je grote rondes en klassiekers wil winnen, dan zul je op alle vlakken de beste moeten willen zijn.

Daarnaast heb ik gemerkt dat er in de wielersport vaak gedacht wordt dat krachttraining leidt tot gewichtstoename en je dus langzamer wordt op de fiets. Of je door krachttraining zwaarder wordt heeft met veel factoren te maken: hoe vaak je die oefeningen doet, hoe zwaar je ze maakt, hoe veel herhalingen je doet, etc. Daarnaast werken we met jongens en meiden die in de groei zitten, zich fysiek ontwikkelen en sowieso wat zwaarder worden. Daarom stel ik atleten vaak de vraag: is het erg als je door krachttraining functioneel één à twee kilo zwaarder wordt, maar daardoor wel tien procent meer vermogen kan wegtrappen?’

Waar hoop je dat CyclingClassNL over vier jaar staat?

‘Ik hoop dat we dan een nog sterker programma hebben en dat wij, experts en coaches, elkaar nog beter weten te vinden. Maar ik hoop vooral dat we de sporters nog beter weten te raken. Ik denk dat we daar al veel stappen in hebben gemaakt in vergelijking met een aantal jaar terug.’

445