Moonen Attractieverhuur

‘Droom is een sportplatform door alle lagen van de bevolking’
Wilbert van den Oord is nu tien jaar directeur van Moonen Attractieverhuur, dat hij overnam van Gerard en Henk Moonen. De twee wielrennende broers, van wie Henk een tijd profrenner was, startten in 1973 met hun bedrijf vanuit hun passie voor sport. ‘Ze namen bij Tilburgse Wielerclub Pijnenburg een set hometrainers over om die te gaan verhuren.’

Sport als rode draad
In de jaren die volgden bouwden de gebroeders Moonen dat uit tot de verhuur van maar liefst 2500 verschillende attracties en spellen; 7000 in totaal.

‘Met Moonen Attractieverhuur willen wij mensen een leuke dag bezorgen door producten met een hoge amusementswaarde op een veilige en betrouwbare manier te verhuren.’ En dat doet het bedrijf ook nog steeds in de sportwereld. ‘Wij zijn vanuit onze geschiedenis zo met sport verweven, die loopt als een rode draad door ons bedrijf. Inmiddels werken wij voor verschillende profclubs zoals Ajax, Feyenoord maar zeker ook een aantal Brabantse profvoetbalclubs: PSV, Willem II, NAC Breda en RKC Waalwijk – die bij een evenement of sportdag alle benodigdheden bij ons kunnen huren. Ook zijn we in de breedte- en gehandicaptensport nauw betrokken. We hebben bijvoorbeeld rolstoeltennisser Bas van Erp, die helaas inmiddels overleden is, langdurig gesponsord en zijn bij verschillende amateurclubs aangesloten.’

Kruisbestuiving
Zo bedenkt Moonen Attractieverhuur hockey-, voetbal- en tennisattracties en –clinics. ‘We zijn een bedrijf dus we willen er geld aan verdienen, maar we doen dit ook vanuit de betrokkenheid bij de sport en de provincie. Dat kan ook de kracht van BrabantSport worden. Dit initiatief is vrij nieuw, maar ik ben ervan overtuigd dat je over een paar jaar gaat zien dat er een kruisbestuiving plaatsvindt en je alleen maar meer interacties gaat krijgen tussen sport, bedrijfsleven, maatschappelijke organisaties en provincie. Wij als ondernemers kunnen de sport gebruiken om te netwerken en de sport kan van ons ondersteuning en betrokkenheid verwachten.’

Wilbert zou het mooi vinden als die kruisbestuiving in de toekomst nog meer mensen met sport laat kennismaken. ‘Ik heb best wel wat ideeën daarover, maar ik merk nu nog dat die niet altijd tot uiting kunnen komen omdat het moeilijk is om de personen of organisaties te vinden die de coördinerende rol gaat oppakken. Het is mijn droom voor de toekomst dat die samenwerking er gaat komen en we een platform kunnen opzetten door alle lagen van de samenleving. Op die manier kan elke ouder geïnformeerd worden en weet het waar zijn kind kan gaan sporten, zowel in de top-, breedte- als gehandicaptensport.’